Pompoen pitabroodje

De rage van groente(pita)broodjes, groentepizzabodems, groenterijst en groentespaghetti is aan mij voorbij gegaan. Toch wilde ik eens pompoenpitabroodjes maken. Ik zag namelijk een recept voor gefrituurde Chileense sopaipillas en dacht even dat dit kleine pompoen-pitabroodjes waren. Toen was het idee voor deze broodjes geboren, ook omdat ik nodig eens met de oogst pompoenen aan de slag moet. Na wat speurwerk online, kwam ik er achter dat er geen recept voor bestond.

Aangezien ik wel vaker zelf gewone pitabroodjes en pompoenbrood heb gemaakt, besloot ik dan maar zelf gaan experimenteren. Hierbij het resultaat: heerlijke, prachtige pompoen-pitabroodjes. Ik vulde ze met gekruid gehakt, zwarte bonen, guacamole, geraspte kaas en ijsbergsla, maar elke vulling kan omdat het broodje zelf heel neutraal smaakt. Dezelfde avond is in ieder geval nog het overgebleven broodje als snack opgegaan, dus hier was het een succes.

Pompoen-pitabroodje

  • 350 gram tarwebloem
  • 240 gram pompoenpuree
  • 1 el olie
  • 5 gram droge gist
  • zout (halve theelepel

Doe de gist, bloem, het meeste van de pompoenpuree ( op 2 el na), olie en zout in een kom en kneed dit goed door. Kijk of het deeg niet te droog is en voeg dan eventueel nog wat pompoenpuree toe. Het deeg mag niet meer aan de kom blijven kleven bij het kneden. Laat ongeveer een uur tot anderhalf uur rijzen. Verwarm ondertussen de oven voor op 230 C en vorm balletjes: 8 grote of 10 middelgrote. Bestrooi werkblad met wat bloem en vorm platte schijven van de balletjes deeg. Bak in circa 8 tot 9 minuten de pitabroodjes bruin.

Appelcompote met gember en rum

Dit zijn de maanden van wild en stoofpotjes op tafel. Daar hoort nog een recept voor een lekker kruidige appelcompote bij. Het kruidige komt van de gember en de bruine rum. De appels die ik gebruikte, zijn oogst van ons appelboompje in de moestuin. Sommige appels zijn aangepikt door vogels. Ik laat deze maar hangen in de hoop dat de vogels de andere appeltjes met rust laten.

Deze kleine Elstar-appeltjes zijn stevig en zullen niet gauw tot moes koken: ideaal voor een appelcompote. Ik vind appelcompote toch al lekkerder dan appelmoes en het ziet er ook feestelijker uit op tafel. Serveer deze appelcompote bijvoorbeeld eens in kleine weckpotjes of mini -coccottes. Je kan de compote ook goed een dag voor een feestmaal klaarmaken en dan (eventueel) even opwarmen. De rumsmaak is naar mijn ervaring de volgende dag wel iets intenser, dus houd daar met het maken van de appelcompote rekening mee.

Appelcompote met gember en rum

  • 1 kilo appels (elstar)
  • 2 a 3 eetlepels suiker
  • scheut citroensap
  • 2 centimeter verse gember, geraspt
  • 1 a 2 theelepels (bruine) rum*
  • scheut water

Schil de appels en snij in kleine blokjes. Besprenkel met citroensap. Zet ze op met een bodempje water, het suiker (naar smaak, begin rustig), de gember en een scheutje rum op. Laat ongeveer een kwartiertje zacht koken en check af en toe of er nog genoeg water in zit om te borrelen. Laat op het laatst indikken.

*Ik gebruikte Abuelo 7 anos rum, gekregen om uit te testen. Aanbevolen met: “warme toffee en karamelsmaken, waarna tonen van bloemen, vanille en appel volgen”. Het is inderdaad een heerlijke rum en past perfect bij deze compote. #nospon

Hazenrug sous vide met zwarte bessensaus

Er zijn van die aankopen op kookgebied waarvan je denkt dat je ze veel gaat gebruiken, die dan vervolgens achterin de kast verdwijnen. Bij mij is dat onder andere de pastamachine. Voor het maken van verse pasta blijk ik geen geduld / talent te hebben. Ook de keukenmachine komt maar sporadisch uit de kast terwijl het een geweldig apparaat is.

De broodbakmachine gebruik ik juist heel veel terwijl ik dat van tevoren niet had gedacht. Ook de slowcooker en de airfryer worden wekelijks aangezet. Nog een geweldige aanschaf is de sous videmachine gebleken. Deze staafvormige machine hang je in een pan met water, om vervolgens gevacumeerde pakketjes vlees en groente op de perfecte temperatuur te garen.

De hazenrug was door de sous videbereiding ook weer botermals. De saus is dit keer met zwartebessen-likeur op smaak gebracht. Deze zwartebessenlikeur had ik vorig jaar gemaakt van de oogst van onze zwartebessenstruik. Zwartebessenlikeur oftewel cassislikeur maken is overigens heel eenvoudig: jenever, suiker en zwarte bessen in een fles doen en dan een paar maanden later zeven.

Hazenrug sous vide met zwarte bessensaus

  • 2 hazenrugfilets
  • olijfolie
  • zout en peper
  • 2 dl groentebouillon
  • 1 borrelglas zwarte bessenlikeur
  • halve tl mosterd
  • enkele koude blokjes boter

Bestrooi de hazenrugfilets met zout en peper en smeer in met olijfolie. Verwarm het water met het sousvide apparaat tot 47 C. Doe de hazenrug in een plastic zak en vacumeer deze. Verwarm de hazenrug 40 minuten in het water.

Doe ondertussen de groentebouillon, likeur en mosterd in een pannetje en laat een ruime kwart inkoken totdat je circa driekwart over hebt.

Haal vervolgens de hazenrugfilets uit de zak. Verwarm olijfolie in een pan en bak de hazenrugfilets kort aan totdat ze aan alle kanten mooi bruin zijn. Wikkel ze in alu-folie tot de saus klaar is.

Voeg het ingekookte vocht toe aan het braadvet en laat even bruisen. Voeg klontjes koude boter toe totdat een iets gebonden saus ontstaat. Serveer de hazenrug met de saus en bijvoorbeeld het champignonpakketje en stoofpeertjes.

Pakketje van met champignon gevuld bladerdeeg als bijgerecht bij wild

Het is herfst en het nieuwe jachtseizoen is weer van start. Voor ons ook weer tijd om nog even de diepvries in te duiken om ruimte te maken voor nieuwe aanvoer van wild. Een korte inspectie leverde op dat we nog wat hazenrugfilets, hazenstoofvlees en fazant hadden. Gisteren had ik tijd om weer eens los te gaan op nieuwe bereidingen van wild. Volgende vraag, wat eet je bij wild?

Ik had een doosje kastanjechampignons in huis en kreeg opeens het idee om daarmee een feestelijk pakketje te maken met bladerdeeg. Dat moet wel lekker zijn in combinatie met wild, vooral als je daar nog een lekker scheutje drank bij doet. Daarnaast had ik nog wat stoofpeertjes in de koelkast want zodra ik de herfst omarm, komen deze ook regelmatig op tafel. Stoofpeertjes horen wat mij betreft zeker bij wildgerechten. Het was een heerlijke combinatie van wild, het aardse champignon-pakketje en de fruitige stoofpeertjes.

Pakketje van met champignons gevuld bladerdeeg

  • 1 bakje champignons/gemengde paddenstoelen (250 gram)
  • 1 ui
  • 1 teentje knoflook
  • 1 flinke scheut sherry (of evt. cognac of madeira)
  • tijm (vers of gedroogd)
  • olijfolie
  • 4 blaadjes bladerdeeg
  • evt. koffieroom (voor de glans)
  • peper/zout

Ontdooi de plakjes bladerdeeg. Verwarm de oven voor op 180C. Snipper de ui en de knoflook zeer fijn. Bak ze op een zacht vuurtje zacht in olijfolie en niet te bruin. Snij ondertussen de champignons of gemengde paddenstoelen in kleine stukjes. Bak deze vervolgens mee met de ui en knoflook tot zacht en gaar. Voeg dan nog een flinke scheut drank toe, de tijm, zout en peper en laat het vocht verdampen. Zet dan de pan uit. Leg de plakjes bladerdeeg met de kant waartegen het plastic aanlag (plakkerige kant) naar boven en verdeel een-vierde van de champignonmix op de helft van de plakjes. Laat een plakrandje van een centimeter over om op helften nog op elkaar te plakken en druk met een vork de randjes nog even aan. Bestrijk eventueel de pakketjes nog met koffieroom voor een glansje (doe ik zelf nooit :-)) en bak ze in circa 25 minuten in de oven af.

Witlofsalade met druif en kerrie

Er hangen nog enkele trosjes witte druiven in onze druivelaar. Dit jaar maakte ik onder andere druivensap van de oogst. Vorig jaar heb ik geprobeerd om er wijn van te maken, om na een paar maanden hevelen etc etc te eindigen met vier liter wijnazijn. Ik hoef voorlopig geen azijn te kopen.

De druiven zijn dit jaar heerlijk zoet. We hebben natuurlijk een prachtige zomer achter de rug. Ze beginnen nu wel al een beetje bruin te kleuren, dus tijd om ook de laatste trosjes binnen te halen en te verwerken. Deze witlofsalade is een heerlijke combinatie van knapperige witlof, kerriedressing, zoete druifjes en de notige smaak van geroosterde pijnboompitjes.

Medeblogster Tessa van het blog I am cooking with love had nog de goede suggestie om blokjes kaas toe te voegen. Dat ga ik de volgende keer uitproberen.

Witlofsalade met druif en kerrie

  • 2 stronkjes witlof
  • 1 eetlepel mayonaise
  • 2 eetlepels yoghurt
  • 2 theelepels kerrie masala
  • scheut citroensap of (wijn-)azijn
  • 20 kleine druiven of 10 grote
  • 1 eetlepel pijnboompitten
  • peper en zout
  • evt. kleine blokjes kaas*

Snij de witlof in reepjes en was deze. Was de druiven en halveer ze eventueel. Maak een dressing van de mayonaise, yoghurt, kerrie en scheutje citroensap of azijn en peper en zout. Proef even of de dressing lekker fris is van smaak. Meng witlof, druiven en dressing door elkaar. Rooster in een droge pan de pijnboompitten kort en verdeel deze over de salade.

*Suggestie van Tessa van I am cooking with love, ik heb het zelf nog niet uitgeprobeerd maar lijkt mij een lekkere toevoeging.

Napoleon’s kip met rivierkreeftjes

Het Belgische plaatsje Waterloo ligt op een dik uur rijden van mijn woonplaats. Waterloo is natuurlijk vooral bekend van de slag tussen het leger van Napoleon, het Britse leger en de Pruisen. Hier werd Napoleon Bonaparte definitief verslagen. Tijdens een weekje vakantie, besloten wij dat het eens tijd was om een bezoekje te brengen aan het museum bij het slagveld.

Het museum Memorial 1815 bleek een prachtig museum, met een 4D-film over de strijd, indrukwekkende uniformen en onder andere bewegende schilderijen. Bij één van de bewegende schilderijen werd er verteld over Napoleon’s favoriete gerecht: kip Marengo. Thuis gekomen wilde ik daar meer over te weten komen en vond uit dat dit kip met rivierkreeftjes is. Naar die combinatie was ik zeer nieuwsgierig.

Er werd al voor gewaarschuwd online: dit recept is verslavend lekker en ik (en overige tafelgenoten) kan dat inmiddels beamen.

Napoleon’s kip met rivierkreeftjes

  • vier kipdelen of 400 gram kippendijfilet
  • 100 gram rivierkreeftjes (gepeld)
  • 1 bakje champignons
  • 1 blik tomatenstukjes/gepelde tomaten*
  • 1 ui
  • 1 knoflookteentje
  • 2 takjes tijm
  • 1 takje rozemarijn
  • 1 dl cognac
  • 1 dl witte wijn
  • 1 el bloem
  • peper, zout
  • boter
  • stokbrood

Braad de kipdelen/kippendijfilets aan in een flinke klont boter. Haal ze uit de pan indien deze mooi bruin zijn aan alle kanten. Voeg dan de gesnipperde ui en knoflook toe en fruit dit even aan. Voeg daarna de in plakjes of in vieren gesneden champignons toe aan de braadpan. Bestrooi het geheel met bloem en bak dit nog even mee. Voeg dan cognac, wijn, tomaat, tijm, rozemarijn, peper en zout toe, en tenslotte weer de kip en laat alles een uurtje pruttelen. Voeg vlak voor het opdienen de rivierkreeftjes toe en verwarm dit even mee. Dien op met stokbrood.

*of vervang door zes verse tomaten

  • Naar een recept van Jeroen Meus/Dagelijkse kost

Varkenshaas met zeekraal en asperges

Twee maanden geleden bestelde ik de dna-test van My Heritage. Niet om verwanten te zoeken maar omdat ik nieuwsgierig was naar mijn etnische dna. Etnische groepen komen historisch gezien van dezelfde geografische gebieden en komen uit een lokale genetische bron. Hier is onderzoek naar gedaan. In Europa heb je bijvoorbeeld als etnische groepen: Scandinavisch, Fins, Engels, Iers/Schots/Welsh, Iberisch, Noord & West-europees en Oost-europees. Op basis van het naar Amerika gestuurde dna-monster krijg je een dna-profiel.

Van tevoren hadden wij een gokje gewaagd wat het zou worden. Ik gokte zelf 90 % Noord & West-europees, mijn dochter 50% viking (tja, noordelijk typje) en man dacht aan iets keltisch. Ik vond de uitslag erg verrassend. Ik ontdekte dat mijn dna-oorsprong inderdaad grotendeels Noord & West-europees is. Maar liefst eenderde is echter van Scandinavische oorsprong. Had mijn dochter toch een beetje gelijk. Om dit te vieren, deel ik in dit blog een recept van varkenshaas met zeekraal en witte asperges. Redelijk snel op tafel te zetten, deze:

Varkenshaas met zeekraal en asperges
  • 1 varkenshaas van ca. 350 gram
  • 250 gram zeekraal
  • 500 gram asperges (of meer)
  • 500 gram krieltjes
  • boter en olie om in te bakken
  • 100 ml groentebouillon
  • 100 ml (kook)room
  • flinke scheut witte wijn
  • tuinkruiden
  • zout, peper

Bestrooi de varkenshaas met zout en peper en bak deze aan in olie/boter. Bak vervolgens ca 15 minuten in de pan en wikkel deze in folie. Breng voordat de varkenshaas de pan in gaat het water aan de kook voor de asperges. Als de varkenshaas in de pan ligt, doe dan de asperges in het kokend water voor vijf minuten en zet dan het vuur uit. Kook daarnaast ondertussen de zeekraal in vijf minuten gaar. Stoom de krieltjes in de magnetron in ca 4 minuten gaar. Blus het bakvet van de varkenshaas af met een flinke scheut witte wijn. Doe vervolgens groentebouillon in de pan en laat tot de helft inkoken. Doe dan kookroom en kruiden in de pan en laat dit vervolgens ook weer tot de helft inkoken. Maak verder alles op smaak met zout en peper (behalve zeekraal: die is al ziltig dus daar hoeft geen zout bij).

Lamsrack sous vide met sesam en gegrilde roodlof

Ik had er al van gehoord maar dit paasweekend pas voor het eerst mee aan de slag gegaan in de keuken: zwarte knoflook. Door witte knoflook te laten fermenteren wordt de knoflook zwart en zacht van textuur. Het scherpe van verse knoflook verdwijnt door het fermentatieproces.

Nog een voordeel van zwarte knoflook is dat je het gewoon uit het velletje kan knijpen. Het schijnt dat door het fermenteren meer antioxidanten vrij komen waardoor deze zwarte knoflook twee keer zo gezond is als witte knoflook. Voor mij is dat niet het belangrijkst. Vanwege de smaak en het gemak zal deze zwarte knoflook voortaan vaker te vinden zijn in mijn keukenkast.

Ik heb met de zwarte knoflook, gemberhoning en sojasaus een heerlijke marinade gemaakt voor de lamsrack. De lamsrack gaarde ik eerst sousvide en daarna ging de lamsrack nog even op de barbecue. De gemarineerde en geroosterde roodlof past hier perfect bij.

Lamsrack sous vide met sesam en geroosterde roodlof

  • Marinade voor lamsrack
  • 1 eetlepel Japanse sojasaus
  • 2 theelepels gemberhoning*
  • scheut sherry
  • 1 teentje zwarte knoflook, in reepjes gesneden
  • peper, zout
  • Marinade voor roodlof
  • 1 eetlepel rijstolie
  • 1 eetlepel wijnazijn
  • 1 eetlepel Japanse sojasaus
  • peper zout

Plus: geroosterde sesamzaadjes en lente-ui in ringetjes om er over te strooien

Maak de marinade voor de lamsrack en smeer hier de lamsrack mee in. Vacumeer de lamsrack en laat op 55 Celsius de lamsrack gedurende twee uur sous vide garen. Haal de lamsrack uit de vacuumzak en grill op hoog vuur knapperig op de barbecue of in de grillpan.

Snij de roodlof in de lengte doormidden. Maak de marinade en laat de roodlof een half uur lang marineren. Grill ze vervolgens op de barbecue of in de grillpan.

Bestrooi de lamsrack en roodlof met kort geroosterde sesamzaadjes en lente-ui.

*of gebruik gewone honing en 1 kleine tl vers geraspte gember

Risotto met asperges en roze garnalen

Ik heb opvallend veel recepten van asperges met zeevruchten op het blog staan. Het is dan ook een geweldige combinatie. Deze recepten zijn te vinden via de zoekfunctie op het blog: rechtsboven bij een desktop-computer en linksboven bij een Android-apparaat. De meeste aspergegerechten zijn met het witte goud, een enkele is met groene asperges.

Deze keer combineerde ik asperge met roze garnalen, ook wel Noorse garnalen genoemd. Vorig jaar ontdekte we op een Deens waddeneiland waar onze diepvries roze garnalen vandaan komen. Wij waren op weg van dit Deense waddeneiland Romo naar het noordelijkst gelegen Duitse waddeneiland Sylt toen wij aan de haven op een groot gebouw het bekende beeldmerk zagen van Klaas Puul.

Met de roze diepvriesgarnalen maakte ik gisteren deze heerlijke risotto:

Risotto met asperges en roze garnalen

  • 300 gram risotto
  • 1 flinke sjalot of 2 kleintjes
  • 500 gram witte asperges
  • half glas witte wijn (droog)
  • 250 gram roze garnalen (diepvries)
  • 800 ml tot 1000 ml groentebouillon
  • peper, zout
  • scheut citroensap
  • geraspte emmenthaler
  • verse peterselie
  • olijfolie

Verwarm wat olijfolie in een ruime kookpan en snipper de sjalot fijn. Bak de sjalot aan in de olie en voeg daarna risottorijst toe. Verwarm dit even mee en blus af met de wijn. Roer dit nog even door en voeg dan driekwart van de bouillon toe.

Schil de asperges en snij ze in 3 centimeter lange stukjes. Bij hele dikke asperges, snij deze vervolgens in de lengte in drie schijfjes, bij gewone dikte halveer de aspergestukjes in de lengte. Doe deze nadat de risotto ongeveer 8 minuten heeft gekookt in de kookpan. Voeg indien nodig meer groentebouillon toe. Maak verder op smaak met wat citroensap en peper.

Voeg enkele minuten voordat de risotto gaar is (kijk voor precieze kooktijd op het pak) de garnalen toe en verwarm deze enkele minuten mee. Dien op met geraspte emmentaler en verse peterselie.

Krabbenpoten met zelfgemaakte sous vide kruiden mayonaise

Krabbenpoten hebben niet veel nodig om er een feestmaal van te maken: gewoon koken en dan oppeuzelen met een lekker sausje, misschien ook nog wat salade en vers gebakken brood er bij. De mayonaise is zelfgemaakt en veilig doordat ik het ei sous vide op 57 Celcius heb gegaard. Hierdoor is het ei gepasteuriseerd maar toch nog vloeibaar. Je kan dit gepasteuriseerde ei verder gebruiken zoals je rauw ei zou gebruiken.

We hadden dit keer gerekend op twee flinke krabbenpoten (XL) per persoon en dan kom je voor 4 personen ongeveer uit op anderhalve kilo. Je kan ook een maatje kleiner kopen. Deze zijn iets goedkoper maar ik zou dan zeker drie per persoon nemen. Dit lijkt niet veel maar uit een grote krabbenpoot komt flink veel krabvlees. Dit krabvlees vult behoorlijk. Ik had er dit keer op een recept van Ottolenghi geïnspireerde salade bij gemaakt: veldsla met sugarsnaps, geroosterde pijnboompitjes, granaatappelpitjes, verse bieslook en peterselie, met een sinaasappelsap/olijfolie-vinaigrette.

Krabbenpoten met een sous vide kruiden mayonaise

  • 1, 5 kilo krabbenpoten
  • cayennepeper
  • 1 ei
  • mosterd
  • citroensap (of azijn)
  • 350 ml zonnenbloemolie (of druivenpitolie)
  • zout
  • peper
  • bosje peterselie
  • bosje bieslook

Voor de mayonaise: gaar het ei op 57 Celsius twee uur sous vide. Doe ze dan gelijk in een koudwaterbad om af te koelen. Tik het ei in een beker, doe hier mosterd (ca 1 theelepel) bij naar smaak en een flinke scheut citroensap of azijn. Doe er ook nog een snuif zout bij . Klop dit goed met een staafmixer en voeg terwijl je door blijft mixen langzaam de olie toe tot een gebonden saus. Hou een derde deel apart en voeg hier fijn gesneden bieslook en peterselie en peper aan toe. Mix nog even kort met de staafmixer. De kruidenmayonaise en/ of mayonaise serveer je bij de krabbenpoten. De mayonaise blijft nog twee weken goed in de koelkast.

Breng water aan de kook met een flinke snuf zout en cayennepeper. Kook kleine krabbenpoten zo’n vijf minuten en grote krabbenpoten 10 minuten. Knijp met een krabbenschaar de delen uit elkaar en geef met de achterkant van een koksmes nog een flinke klap op de schaar.

Lekker met een salade van veldsla en pijnboompitjes met een sinaasappel-vinaigrette.